Vitale longcapaciteit bepalen
Inleiding
De longen zijn niet bij iedereen even groot. Het volume (de inhoud) van de longen is bij kinderen kleiner dan bij volwassenen. Ook de hoeveelheid lucht die per ademhaling wordt in- en uitgeademd is verschillend. In dit practicum ga je onderzoeken hoeveel lucht je maximaal kunt in- en uitademen per ademhaling: de vitale longcapaciteit. De vitale longcapaciteit kun je bepalen door eest zo diep mogelijk in te ademen, en daarna te meten hoeveel lucht je uitademt bij zo diep mogelijke uitademing. De vitale longcapaciteit hangt onder andere af van het geslacht, het gewicht, de lengte, de sportiviteit en leefstijl van een persoon
Voorbereiding
Schrijf een (concept) inleiding. De hypothese heeft betrekking op één van bovengenoemde factoren.
Werkplan
Materiaal
Spirometer
Methode
- Adem zo diep mogelijk in. Adem vervolgens zo diep mogelijk uit in de spirometer.
- Lees de vitale longcapaciteit af op de spirometer.
- Vul de vitale longcapaciteit en andere gegevens in op het invulformulier.
Resultaten
- Tabel (in Excel) met alle waarnemingen weer (zie voorbeeldtabel).
- Een (Excel-)grafiek met op de x-as van de factor die je onderzocht hebt en op de y-as is de vitale longcapaciteit (in liters).
| Leerling | Vitale capciteit (l) | Geslacht (m/v) | Lengte (cm) | Gewicht (kg) | Sporten (min/week) |
|---|---|---|---|---|---|
| 1 | |||||
| 2 | |||||
| 3 | |||||
| … |
Conclusie
Komen de resultaten overeen met hetgeen je verwachtte? Ofwel, klopt de onderzoeksvraag wel of niet?
Discussie
Is de hypothese correct? Geef een verklaring voor de (onjuiste) hypothese. Vermeld en verklaar (eventuele) opvallende waarnemingen tijdens het practicum.
Links
- Aanwijzingen voor het schrijven van een practicumverslag
- Stapsgewijze instructies voor het maken van een grafiek in Excel