Eisen biologische tekening

Je ziet een schematische tekening van een plantencel. Het is de bedoeling dat je op deze manier al je tekeningen inlevert.

Dit betekent:

  • Een tekening met linksboven op het tekenpapier (met pen geschreven): de titel, het aanzicht (buitenaanzicht, lengte- of dwarsdoorsnede), of tekening schematisch of natuurgetrouw is, de vergroting (bij gebruik van loep/microscoop), eventueel gebruikte kleurstof en/of de vindplaats en datum en je naam.
  • Teken met een scherp HB-potlood precies wat je ziet. Gebruik bij een natuurgetrouwe tekening (eventueel) kleurpotloden, maar geen stiften en/of pennen.
  • Maak de tekening niet te klein (zo’n 75% van A4-papier).
  • Maak eventueel eerst een overzichtstekening door alleen de grenzen van de weefsels zo nauwkeurig mogelijk weer te geven. Teken vervolgens groepjes cellen in detail.
  • Houd rechts van de tekening ruimte over voor het benoemen van de onderdelen met pen.
  • Maak je tekening met strakke lijnen. Niet te dik, zodat je eventueel nog kunt gummen.
  • Zet de namen van de onderdelen horizontaal onder elkaar. Trek een rechte lijn (met liniaal) tussen het onderdeel en de naam (lijn is geen schrijflijn!).
  • Gebruik maar één kant van je tekenpapier.


Toelichting begrippen

Bij natuurgetrouwe tekeningen teken je alles zo precies mogelijk na, hierbij mag je ook kleuren gebruiken. Bij schematische tekeningen teken je alleen de belangrijke onderdelen. Hieronder zie je links een foto van een dwarsdoorsnede van een appel, in het midden een lengtedoorsnede van een appel en rechts een buitenaanzicht van een appel.

Dwarsdoorsnede appel
Lengtedoorsnede appel
Buitenaanzicht appel