De helderheid van water

Inleiding

De diepte tot waar licht doordringt in het water, wordt bepaald door de helderheid van het water. In de praktijk wordt deze diepte benaderd door de zichtdiepte. Hierbij laat men een zwart-witte schijf (de zogenaamde Secchischijf) zakken in het water tot een diepte waarop men de zwart-witte vlakken niet meer van elkaar kan onderscheiden. Deze diepte maal twee is de zichtdiepte (het licht moet immers naar de schijf en weer terug opdat wij hem zouden kunnen zien. Deze zichtdiepte is ongeveer gelijk aan de diepte tot waar nog 5% van het zonlicht doordringt in het water. De zichtdiepte geeft aan tot welke diepte waterplanten, die licht nodig hebben voor de fotosynthese, zich redelijk kunnen ontwikkelen. In helder water kunnen zichtdiepten van enkele meters waargenomen worden.

Zichtdiepte water

De troebeling veroorzaakt door algenbloei, zwevend stof (vervuilde waters) en opwarrelend slib (scheepvaart) doet de zichtdiepte afnemen. Ook bodemvoedselzoekende vissen als karper en brasem kunnen troebeling veroorzaken. Hoge troebelheid en lage zichtdiepten (minder dan 30 cm) zullen dan het voorkomen van ondergedoken en in de bodemwortelende waterplanten verhinderen of drastisch beperken. Ook de diepte van het water zal hierbij de doorslag geven. Hoe ondieper en hoe helderder het water, hoe meer kans dat voldoende licht tot de bodem kan doordringen met een rijke onderwaterbegroeiing tot gevolg. Een roofvis, zoals een snoek, moet ongeveer twee meter zicht hebben om zijn prooi te kunnen waarnemen.

Bron: https://www.ecopedia.be/encyclopedie/zichtdiepte



Doel

Met deze proef ga je de helderheid van het water onderzoeken.

Werkwijze

  • Controleer of er op het touw van de Secchischijf een knoop/markering om de x cm zit.
  • Laat de schijf langzaam in het water zakken tot dat je de zwart-wit vlakken niet meer kunt onderscheiden.
  • Haal de schijf weer naar boven en tel het aantal knopen/markeringen dat onder water is geweest.
  • Bereken de zichtdiepte en de lichtdiepte.

Resultaten

Vermeld de zicht- en de lichtdiepte van het monsterpunt in centimeters.

Conclusie en verdieping

  • Ga in op of voor de organismen die in dit water leven de helderheid van dit water goed, matig of slecht is.
  • Kan een snoek in dit water gemakkelijk aan voedsel komen?
  • Op welke diepte kunnen planten nog licht ontvangen?