De kwantitatieve bepaling van de korrelgrootteverdeling van een grondmonster

Waarneming

Een loofbos biedt een heel andere aanblik dan een naaldbos. Je kunt hierbij bijvoorbeeld denken aan de begroeiing. In een loofbos tref je immers veel meer onderbegroeiing aan dan in een naaldbos. Het verschil is ook duidelijk te zien in de strooisellaag. Onder naaldbomen zie je immers een dik pak naalden en onder loofbomen vaak maar een dunne laag bladeren.

Doel

Het uitzoeken van de korrelgrootteverdeling. Hoe fijner de korrelgrootteverdeling des te groter is de adsorbtiecapaciteit. De waterdoorlaatbaarheid neemt af naarmate de deeltjes fijner worden. De korrelgrootteverdeling op verschillende dieptes zegt iets over de wijze van sedimenteren. Je zou dus een monster kunnen nemen op bijvoorbeeld drie verschillende diepten.

Onderzoeksvraag

Wordt de korrelgrootteverdeling bepaald door de begroeiing? Of, wordt de begroeiing bepaald door de korrelgrootteverdeling?

zand

Materiaal

Methode