Kaasmaken | nabootsen kaasproductie

Inleiding

Met dit experiment ga je het proces van kaasmaken nabootsen. Bij de bereiding van kaas zijn bacteriën en schimmels erg belangrijk. Kaas is eigenlijk melk in vast vorm: voor een kilo kaas is tien liter melk nodig. Door melk te laten gisten en er stremsel aan toe te voegen ontstaat kaas. Stremsel werd (wordt) gehaald uit de maag van kalveren. Tegenwoordig maken bacteriën stremsel. In het stremsel zitten stoffen die de melk stremt (dik maakt). Daarna wordt de kaas nog geperst en gezouten. Tot slot moet de kaas nog rijpen (hij droogt dan uit).

Benodigdheden

Methode

De korrelige massa in het smalle bekerglas is de wrongsel, de zeer jonge kaas.
Voeg een klein beetje zout toe en proef de kaas.

Verwerking

Maak van dit experiment (als je docent erom vraagt) een natuurwetenschappelijk verslag. Zet op de juiste plek in het verslag waarom je karnemelk gebruikt hebt bij de nabootsing van de kaasproductie.

Links