PRACTICUM | Aantonen van voedingsstoffen (in voedingsmiddelen)

Inleiding

Ineke heeft zich laten verleiden door een reclame voor een drinkontbijt. Dit had ze beter niet kunnen doen. Na het eten van het drinkontbijt vertoont Ineke over haar gehele lichaam uitslag. De volgende dag is de uitslag niet minder geworden. Ineke besluit naar de huisarts te gaan. De huisarts denkt dat zij allergisch is voor een voedingsstof in het drinkontbijt. Met een indicator kun je de aanwezigheid van een bepaalde voedingsstof in het drinkontbijt aantonen.

Doelen

  1. Vaststellen met welke indicator je een bepaalde voedingsstof kan aantonen.
  2. Met behulp van indicatoren van een aantal voedingsmiddelen onderzoeken of ze bepaalde voedingsstoffen bevatten.
  3. Het opdoen van onderzoeksvaardigheden.

AANTONEN VAN VOEDINGSSTOFFEN


Materiaal


Methode


Resultaten

Verwerk de verkregen onderzoeksresultaten overzichtelijk in een tabel. Geef ook in de tabel aan welk reagens een indicator is voor een bepaalde voedingsstof.


VOEDINGSSTOFFEN IN VOEDINGSMIDDELEN


Materiaal


Methode


Resultaten

Noteer je bevindingen in een tabel, opdat duidelijk wordt welke voedingsstof(fen) het onderzochte voedingsmiddel bevat.

Reflectievragen

  1. Leg uit waarom het belangrijk is om de reageerbuizen goed schoon te maken voordat je met een nieuwe proef begint.
  2. Leg uit aan welke eisen een goede indicator moet voldoen.
  3. Kon je voor elke voedingsstof een indicator vaststellen? Zo niet, hoe komt dat dan?
  4. Vergelijk de gevonden voedingstoffen in voedingsmiddelen met de gegevens in je Binas. Komen je resultaten overeen met deze gegevens? Bedenk een verklaring als dat niet zo is.

Let op!

Het werken met indicatoren (vooral DCPIP) vraagt om extra voorzichtigheid. Werp afval met indicatoren dan ook niet in de gootsteen, maar in de afvalcontainer. Natuurlijk was je je handen na afloop grondig!

Links