PRACTICUM | Invloed van de temperatuur op het enzym amylase
Inleiding
Een enzym (een eiwit) is een chemische stof die helpt scheikundige processen te versnellen, een katalysator. Een enzym versnelt een chemische reactie zonder
daarbij zelf verbruikt te worden. Amylase is een voorbeeld van een enzym en het breekt zetmeel (amylose) af. Amylase is te vinden in je speeksel. In dit
practicum wordt met synthetisch amylase uit de buret gewerkt. Er zijn verschillende factoren te noemen die invloed hebben op de werking van enzymen.
Een factor is de temperatuur. Tijdens dit practicum ga je onderzoeken wat de invloed is van de temperatuur op de werking van amylase. Je onderzoekt de
werking van het enzym amylase bij vier verschillende temperaturen. Je gaat kijken hoe snel het substraat verdwijnt.
Als voorbereiding:
Bedenk de vraagstelling, de hypothese. Zorg ervoor dat je deze onderdelen klaar hebt voordat je met de proef gaat beginnen.
Materialen:
- 6 Reageerbuizen
- zetmeeloplossing
- Amylase (uit de buret)
- Joodoplossing (indicator)
- Waterbad 37 ºC
- Bekerglas (als waterbad) met ijs
- Bekerglas (als waterbad) met heet water
- Water van 20 ºC
- 2 Druppelplaten (of 12 horlogeglazen)
Methode (twee bepalingen!)
Bij 37 ºC en ijswater:
- Nummer 4 reageerbuizen met een watervaste stift met de nummers 1 t/m 4.
- Doe in de reageerbuis 1 en 2, zetmeeloplossing van 1% (2 ml)
- Vul reageerbuis 3 en 4 met een amylase - oplossing van 0.1% (2 ml)
- Zet de buizen 1 en 3 in het waterbad van 37 ºC
- Zet de buizen 2 en 4 in het ijsbad (meet de temperatuur!)
- Begin vast met stap 7 en haal na 5 minuten de buizen uit de waterbaden.
- Je hebt of twee druppelplaten of 12 horlogeglazen voor je liggen. Doe overal drie druppels joodoplossing bij.
- Voeg buis 1 en 3 samen en schud voorzichtig. Bepaal per minuut hoeveel zetmeel er is afgebroken door steeds 5 druppels van het mengsel bij de
joodoplossing te doen. Noteer je waarneming in de tabel: 10 = zetmeel / 1 = geen zetmeel.
- Doe tegelijkertijd hetzelfde voor buis 2 en 4.
Bij 20 ºC en heet water:
Volg stap 1 t/m 9 opnieuw. Gebruik nu de waterbaden van 20 ºC en heet water.
Resultaten:
Temperatuur |
Tijd (in minuten) |
Afbraaktijd (in minuten) |
| |
0 |
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
7 |
8 |
|
Van ijswater (=….ºC) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
37 ºC |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
20 ºC |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Heet water (=…..ºC) |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Verwerking
Schrijf een verslag over deze proef. Vergeet niet de reflectievragen te verwerken in je verslag. Lever het verslag in op de afgesproken datum.
Reflectievragen
- De invloed van de temperatuur kan worden weergegeven als optimumkromme. Maak deze optimumkromme voor jou resultaten. Geef op de y-as de enzymactiviteit
weer. Leg uit wat er met de enzymen gebeurd is bij het minimum, maximum en optimum.
- Kan je met deze proef de optimumtemperatuur van amylase bepalen? Leg je antwoord uit.
- Kan je met deze proef de optimum pH van amylase bepalen? Leg je antwoord uit.
- De pH is een factor die ook invloed kan hebben op de werking van amylase. Werk een compleet werkplan uit voor een proef waarmee je de invloed van
de zuurgraad kan testen. Een werkplan bestaat uit: een complete materiaallijst en methode. Maak ook een tekening van de opstelling.
Links